Press Release

PERSBERICHT 

De Indische Diaspora, een drieluik

deel 1: De Birnies, een Indische familie uit Deventer

duur: 52 minuten

samenstelling: Joop de Jong, Liane van der Linden

camera: Peter Mariouw Smit

geluid: Kees van der Knaap

In de driedelige documentaire De Indische Diaspora vertellen drie Indische families welke ingrijpende wending hun leven nam na de onafhankelijkheidsverklaring van Indonesië: de emigratie uit het geboorteland. Eén familie koos voor een toekomst in Indonesië, de tweede stelde eerst de familiezaken op orde en repatrieerde toen naar Nederland. De derde familie was eveneens naar Nederland vertrokken, maar kon het er niet uithouden en migreerde door naar de Verenigde Staten.

Inmiddels hebben de eerste generatie, hun kinderen en kleinkinderen zich een weg heeft gebaand van migrant naar ingezetene. Maar uit hun verhalen blijkt hoezeer hun geschiedenis in Indië is geworteld, hoe dat verleden hen heeft gevormd en hoe zijzelf vorm geven aan die Indische achtergrond.

Elisabeth Birnie-Birnie, haar zoon Johan, jeugdvoorlichter bij de KJBB (Vereniging van Kinderen uit de Japanse Bezetting en Bersiap 1941 - 1949) en haar achterneef, de schrijver Alfred Birney zijn telgen uit een belangrijke en kleurrijke plantersfamilie op Oost-Java. Zij zijn de hoofdpersonen in deel 1 van De Indische Diaspora, getiteld De Birnies, een Indische familie uit Deventer.

Elisabeth Birnie-Birnie is de weduwe van Fred Birnie, de laatste directeur van het familieconcern in tabak, koffie, indigo, suiker en rubber. Zij heeft 100 meter familiearchief, zakelijke correspondentie, fotoboeken en persoonlijke brieven laten onderbrengen bij het gemeentearchief van Deventer. Daar heeft zij ruim drie jaar lang gewerkt aan een stamboomonderzoek. De Indische tak begon met George, de pionier, die omstreeks 1860 op Oost-Java een tabaksplantage opzette. Diens zoon, die de bijnaam Koning David droeg, bouwde het concern uit tot een van de grootste en modernste naamloze vennootschappen. Fred, Elizabeths echtgenoot, was de laatste kepala kampong. Hij loodste het familiebedrijf door de onafhankelijkheids-oorlog en zette het in 1956 om in een beleggingsmaatschappij. Twintig jaar later vond de liquidatie plaats tijdens de laatste aandeelhoudersvergadering in het statige kantoor op de Deventer Brink. Elisabeth vatte de geschiedenis van honderd jaar ondernemerschap op Java met een nawoord in Deventer samen in een familiekroniek.

Voor Johan Birnie was Indië vooral een paradijselijke kindertijd, die tot zijn zesde jaar duurde. Daarna belandde hij samen met zijn moeder en zussen in Japanse kampen. Pas ver na de oorlog en met veel moeite wist Johan die tijd een plaats te geven en daarmee continuïteit in zijn leven te brengen. Hij schreef en tekende zijn kampherinneringen op en sloot zich aan bij de KJBB als jeugdvoorlichter. Aan middelbare schoolleerlingen vertelt hij nu hoe een kind de oorlog beleefde. Gaandeweg begint Indië meer te betekenen dan paradijs, bezetting en bersiap: een werkelijkheid achter zijn bestaan hier in Nederland, resonerend en verdiepend.

Alfred Birney zet met zijn verhaal een contrapunt in de familiegeschiedenis. Zijn vader is de niet-geëchte zoon van een Birnietelg en diens Chinese huishoudster, vandaar die andere schrijfwijze van de familienaam. Tijdens de onafhankelijkheidsstrijd vocht Alfreds vader tegen Indonesië. Nog jaren daarna zit hij 's nachts gewapend met zijn mariniersdolk peloppers achterna tot in de slaapkamer van de jonge Alfred. Die vader figureert in twee van Alfreds romans, reden waarom Elisabeth hem een brief schreef met de vraag of hij eigenlijk een Birnie is. Hiermee herstelt zij voor Alfred wat zijn vader altijd heeft moeten ontberen: tot de familie behoren. Zijn derde Indische roman zal dan ook helemaal over de Birnies gaan, over zijn grootvader, en over diens vader George. Al die Birnies tesamen vertellen de geschiedenis van Nederland in Indië, of beter gezegd, de Indische geschiedenis van Nederland.

De Birnies, een Indische familie uit Deventer is tot stand gekomen in opdracht van de Stichting Herdenking 15 augustus 1945 met financiële steun van het Ministerie van VWS en de medewerking van het Indisch Wetenschappelijk Instituut.

Tijdens het ochtendprogramma van de Nationale Herdenking 15 augustus 1945 worden de eerste 15 minuten van het eerste deel uit het drieluik De Indische Diaspora vertoond. Later dit jaar verschijnt deze documentaire op vhs en kan dan via de Stichting Herdenking worden besteld.

Back to Previous Page

Return to De Indo Magazine Home Page